Goud van Oud

`Wat heb jij nou genomen? Je houdt toch helemaal niet van vis?’
`Nee, maar ik dacht bij mezelf: laat ik eens gek doen en vandaag gewoon vis nemen’
`Nou zeg, Hans, je bent me er ook een hoor. En vorige week nog zeuren toen ik een lekkere schol voor je had klaargemaakt’
`Ja maar dat is schol, Har, je weet toch dat we tijdens ons eerste afspraakje ook schol gegeten hebben en dat ik toen in je gootsteen heb moeten overgeven omdat ik niet durfde te zeggen dat ik niet van schol hield?’
`Ja schat, natuurlijk weet ik dat nog. Maar wat heeft dat nu met deze vis op je bord te maken?’
`Nou dit is kabeljauw en geen schol’
`Dus?’
`Dus ga ik dit eens proberen. Hè jeetje Har, moeten we hier nou echt ruzie over gaan maken?’
`Nee Hans, dat hoeft helemaal niet. Ik begreep het alleen niet zo goed, maar als jij een keer gek wilt doen en zomaar kabeljauw gaat zitten eten terwijl je op ons eerste afspraakje kokhalzend boven de gootsteen hing – be my guest!’
`Ja nee, zie je wel: nu ben je beledigd’
`Helemaal niet. Als jij graag vis wilt eten moet je dat vooral doen’
`Je bent beledigd. Ik zie het wel, je gaat weer zo vreemd met je neus trekken – doe je altijd als iets je niet zint’
`Ik trek wel vaker even met mijn neus. Misschien heb ik wel jeuk of zo, weet jij veel. Zo goed ken je me nou ook weer niet hoor’
`Nou wat bedoel je daar nou weer mee?’
`Niet wat jij denkt dat ik bedoel’
`En dat is? Ik ben altijd reuze benieuwd als mensen beweren te weten wat ik denk’
`Nou laten we er nu maar over ophouden, schat, want je weet net zo goed als ik dat dit weer op ruzie uitdraait. Weet je nog vorige keer met die karaoke, toen jij zo nodig iets van The Village People moest gaan zingen?’
`Ja dat weet ik nog maar al te goed en ik weet ook nog dat ik nog steeds niet begrijp waarom jij toen zo moeilijk deed. Ik denk nog steeds dat je gewoon jaloers was omdat Rudolf me die avond gezoend heeft’
`He, ja! Laten we het daar ook weer eens over hebben!’
`Ja nou, jij begon er over hoor’
`(…)’
`(…)’
`Wil je een hapje proeven?’
`Je weet toch dat ik nooit vlees en vis door elkaar wil eten. Ik heb al een runderlapje op mijn bord’
`(…)’
`(…)’
`(……)’
`(……)’
`Har?’
`Ja, Hans?’
`Zullen we gewoon lekker voor de open haard gaan liggen?’
`Graag, Hansje van me’
`Zullen we het tijger- of het berevelletje nemen?’
`Jij mag het zeggen’
`Ja? Weet je het zeker?’
`Ja hoor, zeg het maar’
`Nou dan kies ik voor de tijger hoor. Ben gewoon opeens helemaal in een tijger-stemming, weet je dat?’
`Me Tarzan…’
`You Tarzan!’
[kus].

Rogier Verkade

About rogier verkade