Amerika en de wereld, de wereld en Amerika

IDFA is in de afgelopen zestien jaar uitgegroeid tot een documentairefestival met twee opvallende eigenschappen. Veel Nederlandse en niet-westerse producties en veel documentaires met een politiek thema. Met dit eerste kenmerk wordt in de zestiende editie gebroken voor wat betreft het aandeel Nederlandse producties. Festivaldirecteur Ally Derks stelde op de persconferentie dat de kwaliteit van Nederlandse producties achteruitloopt, dat deze films `de grote verhalen mijden’. Het zou een diskwalificatie zijn dat veel Nederlandse producties zich richten op de dagelijkse beslommeringen van het individu in plaats van de wereldproblematiek in kaart te brengen. Wellicht een van de oorzaken dat er dit jaar zo opmerkelijk weinig nieuwe Nederlandse documentaires te zien zijn (wel onder meer de nieuwe films van Heddy Honigmann en John Appel). Niet westerse producties zijn er nog wel in overvloed – de helft van het aantal films voor de meest prestigieuze Joris Ivens award kent een niet westerse oorsprong. Opvallend is ook het fikse aantal films afkomstig uit Israël in de competitieprogramma’s.
Het tweede kenmerk van IDFA, de voorkeur voor de politiek geladen documentaire, zal dit jaar vertrouwd goed zichtbaar zijn. Het thema van dit jaar, `USA Today‘ staat daar garant voor. Nagenoeg alle documentaires in dit programma raken de turbulente politieke ontwikkelingen van de laatste twee jaar in Amerika.Wie minder trek heeft in 9/11, globalisering, massaconsumptie of the war on terror in alle uithoeken van de wereld, doet er goed aan dit programma te mijden tijdens het festival. Hoe zeer het thema op zich interessant is, valt het mij enigszins tegen dat er niet meer documentaires geselecteerd zijn die over onverwachte of onbekende, kleinschalige eigenschappen van het hedendaagse Amerika berichten. Iedereen weet dat het land bol staat van de eigenaardigheden, maar ik zie hier geen afspiegeling van in het programma. Films over bijzondere leefgemeenschappen, over intrigerende beroepen of over controversiële kunstvormen – ik noem maar wat uithoeken, in Amerika liggen ze voor het oprapen. USA Today is meer dan Bush, globalisering en terrorisme.

De wat eenzijdige invulling van het thema betekent gelukkig niet dat er geen boeiende films gedraaid worden. Een film die ik kan aanraden en die volledig draait om globalisering is Power Trip van Paul Devlin.Wat de documentaire goed maakt is de demasqué van de eenvoud van globalisering. Waar het uitbesteden van productiearbeid of callcenters naar lage loon landen niet eenvoudig maar wel realiseerbaar is, illustreert Power Trip dat het overbruggen van radicale cultuurverschillen voor het volledig overnemen van lokale industrieën een mission impossible is. Elektriciteitsgigant AES tracht in nota bene Georgië elektriciteit volgens Amerikaanse principes te produceren en aan de man te brengen. Dat is zo ongeveer even lastig als het `herstellen van de democratie’ in Irak of Afghanistan. Het tekent de naïviteit van het principe van globalisering dat deze AES meent de volgende obstakels te kunnen overwinnen: volstrekt gedesintegreerde post-sovjet infrastructuur, relaties tussen politiek en industrie zijn maximaal gecorrumpeerd, Georgiërs die nog nooit in hun leven moesten betalen voor verbruikte stroom, Georgiërs die het geld niet hebben om stroom te betalen. De gevolgen laten zich raden. Alleen al de introductie van een meter in de woningen leidt tot opstand, woede en agressie tegen de meters en medewerkers van AEL. Negentig procent van de afnemers blijkt binnen de kortste keren illegaal stroom af te tappen en daar dus niet voor te betalen. De monteurs staan doodsangsten uit wanneer ze de vermicelli aan blootliggende draden aantreffen in de verdeelstations. De aandeelhouders in met name Amerika dwingen het management van AEL het Georgische avontuur onmiddellijk te staken. Na drie jaar en ettelijke miljoenen dollars verliest wordt de niet te winnen strijd opgegeven. Power Trip is enigszins rommelig gefilmd en gemonteerd maar de cultuurconflicten zijn even prachtig als onthutsend waardoor de film beslist boeit.
Video
Bekijk de trailer van Power Trip
Wat Power Trip onder meer aardig maakt is het perspectief van de Amerikaanse ideologie buiten Amerika. Het omgekeerde perspectief staat centraal in de driedelige televisiedocumentaire The New Americans, onder meer gemaakt door de winnaar van IDFA 2002 Steve James (van de documentaire Stevie). Ondere ander baseball-beloften uit de Dominicaanse republiek en een Nigeriaans echtpaar van de Ogoni-minderheid wagen in de film de sprong naar het beloofde land. Overheersend motief: hoop op economische verbetering. In Amerika heeft iedereen een wasmachine, geld, een eigen huis en een vaste baan. Ongelukkig kunnen ze daar niet van worden, zeker als ze leren dat ze fundamentele vrijheden van de Amerikaanse grondwet meekrijgen. Ze gaan naar het Amerika van Mary Poppins of The Brady Bunch. Ze komen terecht in het Amerika van American Beauty en Married with Children. Het Amerika ontdaan van de schone schijn.
Voorspellen hoe het afloopt, is ook in deze film niet lastig. De meeste krijgen het vooraf onzichtbare deksel op de neus. Taalbarrières, niet te winnen competitie op de werkvloer, problemen met het andere voedsel, discriminatie, onbegrijpelijke sociale codes, druk van het thuisfront om geld te sturen en bovenal een volstrekt vervreemdende cultuur brengt de gelukszoekers snel met beide benen op de grond. Ze moeten knokken om zich staande te houden. De strijd van The New Americans biedt een sterke microscoop waarmee de kijker door de façade van `maakbaar geluk door emigratie’ kan turen. Dat de reis naar Amerika gaat, maakt de façade groot en de deceptie, als deze wordt doorgeprikt, evenzeer. De mogelijkheden zijn in potentie enorm voor degene die het hoofd boven water kunnen houden. En de etalages waarin deze verwachtingen uitgestald worden, zijn over de hele wereld zichtbaar. Dus ook in de uithoeken van India blinken nieuwe Chevrolets in de showroom of staan de cornflakes van Keloggs in de schappen van de supermarkt. Knap lastig om niet naar de VS te verlangen als je als arme Indiër in speelfilms ziet dat iedereen met cornflakes ontbijt en met de nieuwste Chevrolet naar het werk gaat.
En daarmee is de cirkel rond: de naïviteit van AES in het Georgische avontuur, is de perfecte spiegel van de naïviteit van de immigranten in het Amerikaanse avontuur.

Overigens, over American Beauty gesproken – IDFA 2003 opent met de documentaire versie van deze film: `Capturing the Friedmans‘. Een film over hoe een gelukkig, doorsnee gezin in de vernieling raakt wanneer pa opgepakt en in de gevangenis gegooid wordt voor pedofilie. Maar ook dat is weer te naïef zo blijkt, wanneer de film ontrafelt dat de bewijzen tegen vader tamelijk vaag zijn. Kortom, weinig in het leven is wat het lijkt te zijn. De documentaire film kan daar de vinger opleggen, totdat natuurlijk keer op keer zal blijken dat ook de documentaire film af en toe zaken voorstelt die bij nader inzien toch in een ander daglicht komen te staan.

Rogier Verkade

About rogier verkade