Waar was Ir. Glas toen het licht uitging?

De politie vraagt om uw medewerking bij het opsporen van een vermiste persoon. Het handelt zich hierbij om ingenieur Glas, vooraanstaand lid van het Nederlandsch Genootschap van Civielingenieurs. Op vrijdag 15 augustus jongstleden is de heer Glas niet verschenen in Appelscha, waar hij een voordracht zou houden. Sindsdien is de politie een zoekactie gestart; tot op heden zonder resultaat. Het signalement luidt: blanke man, 61 jaar oud, doorgaans gekleed in een geruit colbert en bruine corduroy broek. Waarschijnlijk bevindt de heer Glas zich in een toestand van ernstige geestelijke verwarring. Mogelijk dwaalt hij rond in de omgeving van zijn woning in Vlaardingen-oost of in de buurt van zijn vakantiehuis in Castrop-Rauxel. Op laatstgenoemd adres heeft de politie beslag gelegd op het dagboek van ingenieur Glas. Dit dagboek bevat mogelijk aanwijzingen die voor het onderzoek van belang zijn. Vandaar dat bevoegde autoriteiten bij wijze van hoge uitzondering toestemming hebben gegeven voor het publiceren van relevante passages uit dit dagboek.

Dag 1.
Geacht dagboek,
Ben goed aangekomen in Castrop-Rauxel, midden in het hart van het Ruhrgebied. Wat ben ik blij om twee weken weg te zijn uit Nederland voor een ontspannende vakantie omringd door zware industrie. De autorit verliep zonder noemenswaardige problemen. Mij is opgevallen dat in het landschap ieder jaar meer windmolens staan. Stuk voor stuk geslaagd ingenieurswerk, sommige zelfs met een spectaculaire conctructiewijze. Voor energieopwekking ben ik echter niet zo gecharmeerd van deze bouwsels. Mijn voorkeur gaat uit naar steenkolen. Gebalde energie die door de natuur een paar duizend jaar ondergronds is opgeslagen. Zoals ook goede wijn jarenlang in een kelder kan liggen, waar hij beter en beter wordt.
Het is hier, net zoals in Nederland, al enkele weken erg warm. Ook vandaag heeft de zon de hele dag genadeloos aan een onbewolkte hemel gestaan. Gelukkig ligt mijn vakantiehuis in de schaduw van een grote olieraffinaderij. Dat maakt het mogelijk om overdag nog wat schrijfwerk te verrichten. Aan verschillende thema’s heb ik in het afgelopen jaar te weinig aandacht kunnen schenken.

Dag 2.
Geacht dagboek,
Vandaag maakten kranten en journaal melding van slecht nieuws. Een probleem, dat vroeger alleen in ontwikkelingslanden voorkwam, komt dichterbij. Sinds enkele jaren treft het regelmatig het zuidwesten van de Verenigde Staten en vanaf vandaag moest ook het avondland eraan geloven: stroomtekort dreigt in Italie. Uitgerekend het land waar de theorie van electrische stroom uitgevonden is! Kern van het probleem schijnt de koeling van electriciteitscentrales te zijn. Het Po-water is vanwege de aanhoudende hitte zo warm geworden dat het niet meer voor de nodige verkoeling kan zorgen. Een ernstige zaak, maar het verwondert mij niet. Waarschijnlijk behandelen de Italiaanse autoriteiten hun electriciteitscentrales met dezelfde verachting voor vooruitgang als hun binnensteden. Een dreigend stroomtekort kan daar verandering in brengen en ervoor zorgen dat de ingenieurs ruimte krijgen om datgene te doen wat reeds lang nodig was. Jammer dat het van tijd tot tijd zover moet komen. Denk bijvoorbeeld aan de watersnoodramp in 1953. Pas nadat een halve provincie onder water had gestaan mochten ingenieurs beginnen met het bouwen van Deltawerken. In Duitsland is de situatie gelukkig anders, zeker hier in het formidabele ruhrgebied. Hier hebben van oudsher ingenieurs ruimschoots de mogelijkheid gehad om hun grootse bouwerken te realiseren. Zo heb ik vandaag een verfrissend bezoek gebracht aan een kolenmijn die wegens kordaat ingrijpen van de regering kan blijven voortbestaan. Hoewel een ton steenkool uit Polen voor de halve prijs kan worden gekocht, begrijpt de Duitse overheid het belang van een eigen kolenindustrie. Hulde.
ruhr
Dag 3.
Geacht dagboek,
In Italie en Portugal is het vandaag tot stroomstoringen gekomen. Dat is desastreus voor de reputatie van ingenieurs in heel Europa. Op veel gebieden heeft de bevolking van de eerste wereld een blind vertrouwen in onze arbeid. Stroomvoorziening, automobiliteit en water uit de kraan zijn vanzelfsprekendheden geworden, en zo hoort dat. Zonder deze wonderen van vernunft functioneert de hedendaagse mens niet meer. Dit legt een enorme verantwoordelijkheid bij ons ingenieurs. Een verantwoordelijkheid waamee wij met de zorgvuldigheid die ons zo eigen is om dienen te gaan. De gevolgen van broddelwerk van een klein aantal vakcollega’s kan leiden tot grote onrust onder de bevolking. Het uitvallen van stroom kan paniek en chaos veroorzaken. Ik moet er niet aan denken. Misschien is het een goed idee dat het Nederlands Genootschap van Civielingenieurs een vermanende brief richting Zuid- Europa stuurt. In zo’n brief kunnen ook enkele oplossingen voor de langere termijn aan de orde komen. Bijvoorbeeld een gesloten koelcircuit. Een 135 meter hoge betonnen koeltoren naast de elektriciteitscentrale maakt koeling met rivierwater overbodig. Wat men op dit moment nodig heeft is een noodoplossing. Ik vermoed dat Italiaanse en Portugese ingenieurs zwetend aan een plan werken en ben erg benieuwd met wat voor een elegante oplossing zij voor de dag komen.
Op straat had ik vandaag het gevoel dat mensen mij anders aankeken dan gebruikelijk. Zou dat reeds het verminderde vertrouwen in ingenieurs zijn of speelt mijn verbeelding mij parten?

Dag 4.
Geacht dagboek,
Het onmogelijke is gebeurd!! Vandaag heeft de Duitse regering gewaarschuwd voor dreigende stroomtekorten. Ook hier zijn problemen ontstaan bij de koeling van electriciteitscentrales. In Beieren heeft het Rijnwater een temperatuur van 26 graden Celsius bereikt. Het journaal berichtte van een kerncentrale die aan de buitenkant met koelwater besproeid werd. Schaamteloos zijn deze obscene beelden in de openbaarheid gebracht. Uit voorzorg zijn in de gehele Republiek de kerncentrales op halve kracht gesteld en het plaatselijk uitvallen van de stroomvoorziening wordt niet langer uitgesloten. Een crisis van ongekend formaat staat op het punt uit te breken. Wat mij het meest zorgen baart: op televisie de hele dag geen woord over ingenieurs en geen ingenieur aan het woord! Men zou verwachten dat ogenblikkelijk een zogenaamd “Kompetenzteam”, bestaande uit vooraanstaande, bekwame vakgenoten, bijeengeroepen zou worden. Een dergelijk team kan koortsachtig aan oplossingen werken en tegelijkertijd de bevolking met afgemeten informatie geruststellen. De werkelijkheid is anders. Ingenieurs zijn monddood gemaakt en schitteren door afwezigheid in de media. In plaats van het treffen van technische maatregelen vraagt de regering haar burgers het stroomgebruik te beperken. Als dit zo doorgaat dan vrees ik een snel groeiende angst onder de bevolking. Angst kan gemakkelijk omslaan in volkswoede die zich tegen ons ingenieurs als eerstverantwoordelijken kan keren. Om zulks te voorkomen heb ik besloten om stroom te sparen. Ik kijk geen televisie meer.

Dag 5.
Geacht dagboek,
Afgelopen nacht werd ik geteisterd door nachtmerries: borrelend Rijn-water, roodgloeiende kolencentrales, mannen met baarden in kolderieke kledij en buttons tegen kernenergie. Landschappen vol met roestige windmolens, Mad-Max- achtige toestanden.. Verscheidene malen zwetend wakker geworden..

Op straat waag ik me niet meer. Dat zou onder de huidige omstandigheden uiterst ongepast zijn. Mensen van wie verlangd wordt dat ze energie sparen zullen zich afvragen waarom een ingenieur ontspannen rondwandelt terwijl de problemen zich ophopen. De treurige waarheid is dat ik vergeefs wacht tot ik van overheidswege of door een stroombedrijf gevraagd wordt om oplossingen aan te dragen. Niemand meldt zich. Het heeft er alle schijn van dat het vertrouwen in ons ingenieurs zover is gezonken dat de regering geen andere mogelijkheid meer ziet dan burgers bij herhaling op te roepen tot zuinigheid met stroom. Het warme Rijnwater stroomt intussen richting Nederland. Daar is de complete stroommarkt in handen van koopmannen en dat belooft niet veel goeds.
Verbeelde ik het me, of knipperde zojuist de schemerlamp ?…

Dag 6.
Geacht dagboek,
Sinds ik geen televisie meer kijk ben ik voor nieuwsberichten aangewezen op mijn draagbare radiotoestel. Dit toestel wordt gevoed door een batterij van het merk “Duracel”, die ik destijds heb gekocht vanwege een overtuigend reclamefilmpje met een trommelend konijn. Nederlandse berichtgeving kan ik ontvangen, zij het gemengd met een hevig geruis. Zo kan ik op zijn minst de gebeurtenissen volgen die in Nederland op stapel staan. Gelukkig is men daar gewaarschuwd door datgene wat hier in Duitsland de afgelopen dagen is voorgevallen. De regering heeft ruimschoots de tijd gehad zich voor te bereiden op de naderende katastrofe. Van het Nederlands Genootschap van Civielingenieurs verwacht ik een aktieve rol in de media. Tenslotte staat niets minder dan de reputatie van onze complete beroepsgroep op het spel.
Vandaag heb ik zelfs geen lampen meer aangehad. Enerzijds spaart dat electriciteit. Als iedereen dit doet, zullen stroomuitvallen misschien vermeden kunnen worden. Zo blijft de rust en orde gehandhaafd. Anderzijds lijkt het mij ook verstandiger om zo onopvallend mogelijk te zijn. Enkele mensen hier uit de omgeving weten dat ik een ingenieur ben. Ik laat ze liever in de waan dat mijn vakantiehuis onbewoond is. Diegenen die ik in de afgelopen dagen heb ontmoet zullen denken dat ik om dringende redenen teruggekeerd ben naar Nederland.

new york stroomstoringDag 7.
Geacht dagboek,
Zoals gevreesd zijn de problemen de grens overgestoken en hebben ze Nederland bereikt. De overheid heeft klaarblijkelijk niets ondernomen. Van een regering die uiteenvalt als iemand een denkbeeldige “stekker eruit trekt” had ik onder deze omstandigheden meer daadkracht verwacht. Het noodsignaal komt ook niet van overheidswege. In plaats daarvan heeft de firma Tennet, die het stroomnet beheert, de zogenaamde “Code Rood“ afgekondigd. Het taalgebruik wordt stroomafwaarts steeds krijgshaftiger. Code Rood! Van zulke uitdrukkingen lopen de rillingen mij over de rug. De koopmannen in stroom alarmeren de bevolking in dezelfde superlatieven waarmee ze gewoonlijk hun waar aanprijzen. Ik sluit niet meer uit dat onder de bevolking blinde paniek zal uitbreken. Van het Nederlands Genootschap van Civielingenieurs geen enkel levensteken. Zouden mijn vakcollega’s onder dezelfde schaamte en angst lijden als ik ? Als toppunt van ellende is vanavond is de batterij van mijn radiotoestel leeg geraakt.

Dag 8.
Geacht dagboek,
De toestand wordt langzamerhand ondraaglijk. Ik heb geen enkel contact meer met de buitenwereld. Een paar maal heb ik voorzichtig door de vitrage gegluurd. Op straat gebeurde niet veel meer of minder dan normaal. Nog heerst orde en gezag. Of de naast mijn huis gelegen olieraffinaderij in gebruik is, heb ik niet kunnen vaststellen. Afgesneden van informatievoorziening groeit mijn angst met het uur. ’s Nachts word ik geteisterd door boze dromen.

Dag 9.
Geacht dagboek,
Heb het vandaag niet langer uitgehouden en ondanks de waarschuwingen van de Duitse regering kort de televisie aangeschakeld. Beelden uit New York. Honderdduizenden mensen op straat. Miljoenen mensen zonder stroom. Blackout 2003. Geacht dagboek, ik … ik…

bij kaarslichtTot zover loopt het gevonden dagboek van ingenieur Glas. Wie tips of aanwijzingen heeft in deze zaak wordt verzocht zich te melden bij de plaatselijke autoriteiten of telefonisch contact op te nemen met het landelijk meldpunt. Alle informatie zal vertrouwelijk behandeld worden. De politie dankt u voor uw aandacht.

Ir. Glas

About ir. glas