Pakkende en Saaie Films


Voor filmliefhebbers is filmbezoek het mooiste wat er bestaat. Geen andere hobby kan een mens zo in beslag nemen. Niet eten en drinken, want je bent al gauw oververzadigd, zo niet dronken of misselijk. Niet een vriend of vriendin, want het erotische samenzijn is altijd zo vermengd met do’s en don’ts, dat het maar zelden echt leuk is. Niet een boek, want het lezen is altijd een wankele zaak. Je kunt steeds uit je concentratie worden gebracht: lawaai van huisgenoten en/ of buren, rinkelende telefoons en vele andere aandacht opslorpende zaken. In de bioscoop is het gelukkig meestal stil. Alleen het gebeuren op het doek vraagt om attentie. Als het een goede film is ben je zo’n anderhalf, twee uur helemaal eruit. Na de film moet je even je plaats in de wereld terugvinden: waar ben je?/ is het dag of nacht?/ hoe laat?/ waarheen?
Natuurlijk zijn er mensen die met zo’n geweldige concentratie kunnen lezen, dat niets, ook het afbreken van hun huis of andere leesomgeving niet, ze kan verstoren. Die pas opkijken uit hun boek als ze op een brancard worden getild, maar we hebben het over gewone mensen.
 
Recentelijk kwamen twee films aan me voorbij die wisselden in het vermogen om te boeien. Allereerst Oliver Twist van niemand minder dan Roman Polanski. En daarnaast Gouden Kalf- winnaar ‘Leef’ van de betreurde Van de Sande Bakhuysen. Welke zijn in staat om maximale concentratie wel of niet op te roepen?

Oliver Twist
(release 27 okt.a.s.)

Oliver Twist heeft al een streepje voor: Polanski is immers een vakman en je verwachtingen zijn hoog gespannen. Zal hij net zo boeiend zijn als bijv. ‘Cul-de-sac’? Vergeleken met vorige Olivers, op de film of als musical, is de verhaallijn veel korter. Veel van Dickens’ uitweidingen en subplots zijn bekort of helemaal verdwenen. Je kunt je aandacht er daardoor beter bij houden, maar er verdwijnt natuurlijk ook veel leuks. Het gaat in dit betoog om de concentratie: Goed, dus. Figuren als Bill Sykes, de erge schurk, en Fagin, de iets minder erge, Oliver zelf en Nancy, de vriendin van Sykes, komen nu beter uit de verf. En ook het decor, vroeg-19ste eeuws Londen op straat en in huis, kan nu zeer uitgebreid worden neergezet. Heerlijk is St.-Pauls Cathedral zoals het verrijst boven de smalle straatjes en steegjes. Haast net zo heerlijk als in de te weinig geprezen Kees de Jongen het Paleis voor Volksvlijt vanaf de Sarphati-brug zichtbaar is.
Deze gestroomlijnde versie van Dickens’ beroemde boek is zeer aan te bevelen. Ons inzicht in de karakters wordt verdiept: Fagin, de boef die zijn pleegkinderen leert zakkenrollen, heeft ergens toch wel hart voor zijn boys. Nancy, Bill Sykes’ vriendin, is meer slachtoffer dan medeplichtige. Sykes is echt heel slecht en Oliver is kwieker en leuker dan ooit. En dan die edele mr. Brownlowdie die zorgt dat O. uiteindelijk zijn nederige behuizingen verruilen kan voor diens prachtige huis. Kortom een film die je pakt.
 

Leef!
(draait al een tijdje)

Nu een saaie film. Over saai hoef je niet veel te berde te brengen. Hooguit kun je een gradatie proberen aan te brengen van een beetje saai naar dodelijk saai. ‘Leef!’ ligt daar tussenin.

Oftewel heeft gedeelten die een beetje zijn, maar vooral veel dodelijke. Het is natuurlijk jammer voor die tragische Van de Sande Bakhuyzen, maar zijn film is een flop. En waarom, nou?
1. Het scenario is overbeladen. Hoofdlijn, parallel-lijnen, ze kronkelen onontwarbaar door elkaar heen.
2. Het samenspel van de talloze acteurs is belazerd. Het lijkt meer een aaneenschakeling van monologen. De type-casting van Anna, de schrijvende kraamteamleidster is niet goed. Monique Hendrickx als Anna deed het goed in De Poolse Bruid en in Nynke, maar net als de andere spelers doolt ze in haar Amsterdamse omgeving rond alsof ze verdwaald is.
3. Het script van Maria Goos is een pulpserie-script (pulp schrijven kan ze) met elk kwartier een moment van melodrama, zoals het hoort in pulpseries.
4. Veel acteurs hebben een te grote présence, houden de voortgang van de film op. Daar heeft natuurlijk Anne-Wil Blankers last van, die weer een indrukwekkende koningin wil neerzetten. Petra Laseur probeert als gaga-mevrouwtje met de show weg te lopen. Jeroen Krabbé wil zijn onbeduidende rolletje iets dramatisch meegeven, maar dat is allemaal niets vergeleken met de falende Monique.
 
Hoe komt het nu dat een film die zoveel meeheeft oersaai wordt? Misschien heeft Van de Sande teveel hooi op zijn vork genomen? Of was hij gewoon te moe? Dat mag je natuurlijk niet zeggen van de jonggestorven held. Gelukkig heeft hij genoeg werk nagelaten dat wel goed is.
 

Rein van der Woude

About rein van der woude