Six in the City

Wat vooraf ging:
Zes vriendinnen zijn op stap in Maastricht en komen met de verkeerde mannen in aanraking. Ze beleven elk hun avontuur, maar het dreigt slecht af te lopen met de jarige Gonnie.


‘Waar is Gonnie toch.’ Afrieke keek bezorgd naar Maaike. ‘Jij was het laatst bij haar. Heb je enig idee?’
Maaike staarde in haar koffie en schudde langzaam haar hoofd.
Na een half uur zonder een spoor van de zigeuners hadden de vrouwen het aangedurfd uit hun schuilplaats te komen en een nabijgelegen café gevonden dat al open was.
‘We zijn in een soort keldercafé geweest met die twee vrachtwagenchauffeurs. Gonnie is met die van haar naar een andere kamer gegaan en ik heb een pilletje geslikt. Dat is het enige wat ik nog weet.’ Ze keek beteuterd naar de rest van de vrouwen. ‘Sorry, meer kan ik jullie niet vertellen.’
‘Weet je nog waar dat café was?’ Teddy draaide nerveus aan haar ringen en keek naar buiten of haar achtervolgers niet terug waren gekomen.
‘Misschien weet zij het wel.’ Lies gebaarde naar de hoogblonde juffrouw achter de bar die zelfs op dit vroege tijdstip al was gekleed en opgemaakt alsof ze elk moment op een galafeest werd verwacht. ‘Je vertelde toch dat het een hele louche tent was? Nou dan zal zij het wel weten.’ Ze stond op en liep naar de bar.
‘Ik heb al afgerekend,’ zei ze even later gejaagd. ‘We moeten gelijk gaan. Ze wist welke kroeg ik bedoelde en vertelde dat het een hele akelige tent is, ze doen er SM en zo. Als Gonnie daar nog is loopt ze groot gevaar.’

‘Daar is het,’ zei Maaike opgewonden en wees naar een vervallen, zwart geverfd gebouw met gesloten luiken. Ze haastte zich naar voren en liep het trapje af naar de toegangsdeur.
‘Ze zullen wel dicht zijn.’ Marisca reikte naar voren en probeerde de deurklink die tot haar verbazing meegaf.
De deur gaf toegang tot het zwart geverfde keldertje uit Maaike’s herinnering.
‘Ja, hier zijn we geweest.’ Ze stapte naar binnen en keek zoekend om zich heen.
Op een slapende man met een lange baard na was het café verlaten.
‘Daar moeten we waarschijnlijk heen.’ Teddy had een deur achter de bar ontdekt.
‘Zullen we hem wakker maken, misschien weet hij wat?’ Marisca wees naar de ronkende baardaap.
‘Laat maar, die is niet meer aanspreekbaar.’ Afrieke liep naar de deur en trok hem voorzichtig open.
‘Gadverdamme,’ mompelde ze met een van afschuw vertrokken gezicht. De koude stenen vloer plakte nat en slijmerig aan haar blote voeten.
Eén voor één liepen ze de gang in en bleven twijfelend staan.
‘Laten we dan maar gaan zoeken.’ Teddy voegde daad bij woord en opende de deur aan haar linkerzijde.
‘Leeg,’ zei ze teleurgesteld en liep door naar de volgende deuren die alle op onbewoonde kamers uitkwamen.
‘Hier is ze niet, verdomme. Laten dan toch maar die kerel wakker maken, misschien dat hij iets weet.’ Teddy draaide zich om en trok haar schouders op. Deze plek maakte haar bang en ze wilde zo snel mogelijk weer naar buiten.
‘Wacht.’ Afrieke wees over Teddy’s schouder naar een deur aan het eind van de gang. ‘Die hebben we nog niet gehad.’
Teddy keek in de richting van Afrieke’s wijzende vinger en liep gedwee naar de deur. De laatste gelukkig en dan als de sodemieter weg hier. Ze voelde zich met de minuut minder op haar gemak.
Teddy opende de deur en gilde van schrik, ze hadden Gonnie gevonden.
‘Wat is er?,’ Maaike rende naar Teddy toe en keek met afschuw naar het tafereel. Gonnie hing met kettingen vastgebonden aan de muur. Haar bril lag bij haar voeten op de grond en de zwarte strepen mascara op haar wangen verrieden dat ze had gehuild.
‘Help me snel alsjeblieft, hij kan elk moment terugkomen,’ snikte ze schor.
De vijf vriendinnen renden de kamer in trokken vergeefs aan de kettingen die Gonnie vasthielden.
‘Wacht, ik heb gereedschap bij me.’ Lies kiepte de inhoud van haar rugzakje op de grote, houten tafel en zocht met trillende handen van haast naar de knijptang.
‘Kijk uit,’ gilde Gonnie terwijl de deur met een klap dichtsloeg.
‘Dames,’ zei een zachte stem, ‘wat leuk dat jullie gekomen zijn.’
Bij de deur stond de bodybuilder die Gonnie zo onfortuinlijk had ontmoet.
Gebiologeerd als konijnen in de koplampen van een auto staarden de vrouwen naar de angstwekkende gestalte met de zwarte kap. Zijn ontblote bovenlijf toonde spieren als kabeltouwen en zijn armen leken bijna mismaakt door wanstaltig opgeblazen biceps.
In zijn hand hield hij een korte, brede knuppel en Afrieke vroeg zich huiverend af waarvoor hij dat ding allemaal kon gebruiken.
Teddy voelde hoe haar hart langzaam klopte in haar borst. Paniek ketende haar spieren net zo vast als Gonnie aan de muur.
‘Doe iets,’ riep Gonnie hysterisch van angst en verbrak daarmee de vloek die haar vriendinnen bewegingloos hield.
Als één vrouw stortten ze zich op de tafel waar het gereedschap van Lies lag te wachten en grepen elk een wapen.
Maaike had de knijptang, terwijl Marisca een baco omknelde. Teddy hield een vlijmscherp zaagje in haar handen en Afrieke een lange schroevendraaier. Lies had de klauwhamer, die al eerder zulke goede diensten had bewezen, vast.
‘Kom maar op,’ grauwde Maaike en deed dreigend een stap naar voren.

‘Was je erg bang?’ vroeg Teddy overbodig en deelde sigaretten uit.
‘Ik heb geen moment aan jullie getwijfeld,’ antwoordde Gonnie oprecht en inhaleerde diep. ‘Echt waar, ik wist dat jullie me zouden zoeken, maar dat ik zo op het laatste nippertje gered zou worden had ik niet durven hopen.’
De zes stonden op de parkeerplaats en keken elkaar duizelig van opluchting aan. De verhalen over hun avonturen konden nog wel even wachten, daar was tijd genoeg voor.
Gonnie, trapte haar sigaret uit en wierp de autosleuteltjes naar Marisca.
‘Weet je wat we doen?, zei ze resoluut, ‘we gaan naar huis.’

Loes Neve

About loes neve