Six in the City

Wat vooraf ging:
Zes vriendinnen zijn op stap in Maastricht en komen met de verkeerde mannen in aanraking. Ze beleven elk hun avontuur, maar het dreigt slecht af te lopen met de jarige Gonnie.

Aan de oostelijke horizon kondigde een bleekroze streep de komst van een nieuwe dag aan. Een merel zong zijn eerste hoge noot en kreeg slaperig bijval van zijn soortgenootjes. ‘Hoe laat is het eigenlijk?’, vroeg Marisca verschrikt en keek naar de prachtige man in zijn blauwe uniform die naast haar op het parkbankje zat.
‘Half vier. Hoezo?’
‘Mijn vriendinnen, waar zijn ze? Ik ben ze helemaal vergeten.’
Hij haalde zijn schouders op en keek haar onderzoekend aan. ‘Hebben jullie dan niet ergens afgesproken?’
Marisca schudde haar hoofd ontkennend. ‘Nee. Ik ben even naar buiten gegaan om een luchtje te scheppen en toen kwam ik jou tegen.’ Ze zweeg een beetje verward. Waar was ze mee bezig? Het leek wel of ze in een onbekende dimensie was gestapt waar ze een ander mens was. Het was niets voor de oude Marisca om onbesuisd en ondoordacht met vijf onbekende vrouwen op stap te gaan en vervolgens de hele nacht met een vreemde man door te brengen. Er is niets gebeurd, verzekerde ze zichzelf heftig. Ik heb alleen maar gepraat. Dat elke gedachte aan Jochem uit haar hoofd leek gewist wilde ze nog niet onder ogen zien.
‘Waar is jullie hotel?’, wilde hij weten.
‘Hebben we niet, we zijn met een Volkswagen busje gekomen en ik weet niet meer precies waar we geparkeerd staan. Het was wel in de buurt van de stad.’ Marisca kneep haar ogen dicht en zocht inspiratie.
‘Naast een groot gebouw met blauwe neonletters,’ zei ze vaag en pijnigde haar hersens, ze kon niet meer op de naam komen die de letters spelden. ‘Een vogelnaam, geloof ik.’
‘Dan weet ik het al,’ zei de wijkagent trots, ‘Hotel Pauw.’
Hij stond op en pakte haar hand. ‘Kom maar mee, ik zal je bij je vriendinnen terugbrengen.’
-.-

In een ander deel van de stad was Maaike bij de sint Servaas aangekomen en zonk vermoeid op de trappen neer. Het effect van de drugs die ze genomen had begon langzaam te verdwijnen en ze voelde zich met de minuut meer zichzelf worden. Ze wreef met haar vingers in haar ogen om het proces te bespoedigen. Het was nog doodstil in de stad, maar Maaike zag aan de lichter wordende horizon dat binnenkort de dag zou aanbreken. De kans om haar vriendinnen terug te vinden zou dan veel groter zijn. Laat ik hier maar wachten, besloot ze moe en vocht tegen de slaap die haar dreigde te overmannen.
De man die haar in het park had aangesproken en het laatste uur sluipend had gevolgd gluurde om een hoek van de basiliek en grinnikte zachtjes. Die is voor mij, dacht hij geil en krabde met zijn zwarte nagels aan de schilferende plek vlak boven zijn anus. De vrouw was zo stoned als een garnaal, had hij gezien. Onderweg was ze telkens stil blijven staan om naar een stoeptegel of een huis te staren. Eén keer had ze bijna een kwartier met open mond naar een rode brievenbus staan kijken. Ze zou een makkelijke prooi zijn en hij hijgde opgewonden bij de gedachten aan wat hij met haar wilde doen. Het moment om toe te slaan was aangebroken. Hij keek zoekend om zich heen of er geen getuigen waren en kwam uit zijn schuilplaats.

Loes Neve

About loes neve