Six in the City

De jarige Gonnie ontmoet bij toeval vijf vrouwen, ze sluiten snel vriendschap en gaan naar Maastricht voor een avondje serieus stappen.
In een kroeg ontmoeten ze alle een man en raken elkaar hopeloos kwijt.

‘Hallo daar, lekker ding. Waar ga jij nog zo laat naar toe?’
Maaike draaide zich langzaam om naar de gestalte van een man die in de diepzwarte schaduw van een boom stond. Shit, dacht ze ge´rriteerd, dit is al de derde keer dat ik aangesproken word.
‘Flikker op,’ zei ze luid en hoopte dat haar stem voldoende streng was om hem weg te jagen.
Ze tuurde in de schaduwen en zag hoe een vage blauwe rand langs de boomtoppen gloeide. De zachte wind die langs haar gezicht streek voelde warm aan. Te warm, besloot ze en die gekke, blauwe kleur hoorde ook niet in die boom. Toontje had haar een pilletje gegeven dat haar ‘vrolijk en nuchter zou maken’. Hoezo nuchter?, giechelde ze zachtjes en keek weer naar de blauwe rand die bij nader inzien meer geelachtig oranje was en er eigenlijk best wel mooi uitzag. Waar is Toontje eigenlijk? Maaike keek om zich heen en besloot dat ze hem zoeken moest. Wankelend liep ze terug naar de straat en zag niet hoe de gestalte zich uit de schaduwen losmaakte en haar met gevaarlijk glinsterende ogen volgde.
De straattegels zagen er prachtig uit. Veel mooier dan in haar eigen straat. Deze waren in een perfect geometrisch patroon gerangschikt en bestrooid met een lichtgevend wit poedersuiker. Schitterend.
Zuchtend stond ze stil en keek bewonderend naar de stoep die zich eindeloos voor haar uitstrekte. Ze had geen idee meer waar ze was en pijnigde haar hersenen op zoek naar informatie. Wat deed ze hier alleen, in het midden van de nacht.Toontje had haar samen met Gonnie en zijn vriend met het zwarte ringbaardje meegenomen naar een keldercafeetje dat helemaal zwart was geschilderd en waar overal zachte, donkerrode banken stonden. Langzaam kwamen de herinneringen naar boven en Maaike knikte verdwaasd met haar hoofd. Gonnie was met het ringbaardje naar een kamer vertrokken en zij was met de blonde hangsnor, die Toon heette, achtergebleven. Ze hadden liggen vrijen op ÚÚn van de banken maar ze was te dronken geweest om een goeie prestatie te geven en Toontje had haar een pilletje aangeboden om te ontnuchteren. Hij had er zelf ook eentje genomen, dat had haar vertrouwen gegeven. Ze hadden verder willen gaan met hun vrijpartij maar werden gestoord door twee jonge vrouwen in idiote, lange, zwarte jurken en zware make-up. Toon was direct met hen in gesprek geraakt en was vertrokken met de boodschap dat hij binnen een uur weer terug zou zijn. Toen het pilletje eenmaal begon te werken was ze alles en iedereen vergetend alleen op pad gegaan en natuurlijk hopeloos verdwaald. Opeens realiseerde ze zich dat ze niet alleen Gonnie kwijt was maar ook de rest van het vrouwelijk gezelschap. Ze trok kordaat haar jasje recht en nam zich voor een tent te zoeken waar ze koffie schonken, voor de Úchte ontnuchtering. In zichzelf een kinderliedje neuriÙnd ging ze hinkelend over de perfecte stoeptegels op weg.

Gonnie schrok wakker en trok een muf ruikend laken van haar gezicht. Ze tilde het voorzichtig omhoog en keek naar beneden. Tot haar opluchting zag ze dat ze haar kleren nog aan had.
Naast haar lag een luid snurkende man en Gonnie draaide haar hoofd om naar Jan-Willem, de vrachtwagenchauffeur met het zwarte ringbaardje.
Oftewel een pratende kut, dacht Gonnie en giechelde een tikje hysterisch. Allemachtig waarom was ze toch zo stom geweest om met deze kerel naar een privÚ-kamertje te gaan. Gonnie vermoedde correct dat ze zich in een soort louche seksclub bevond en het gore, met oude spermavlekken bevlekte laken bewees dat haar theorie klopte. Gonnie schopte het walgend van haar af en raapte haar gedachten bijeen. Ze moest in slaap gevallen zijn en haar verovering gelukkig ook.
Hoe laat is het eigenlijk? Gonnie ging met een ruk overeind zitten en probeerde in het zwakke licht van een kaal peertje de tijd te lezen op haar horloge. Kwart over drie, zag ze tot haar schrik. De opluchting dat ze geen seks had gehad sloeg om in paniek toen ze zich herinnerde dat Maaike hier ook ergens moest zijn en de rest van haar vriendinnen spoorloos. Met een angstige blik opzij naar de slapende Jan-Willem stapte Gonnie uit het bed en sloop naar de deur. Het gangetje waar ze zich in bevond rook naar natte stenen en verschaalde alcohol. Ze rilde van afschuw toen haar voet in een slijmerige massa terecht kwam en schraapte met een vies gezicht de zool schoon. Aan het eind van de gang was een deur en ze hoopte hartgrondig dat daar de uitgang achter lag. Voorzichtig duwde ze de klink naar beneden en gluurde naar binnen. Voor haar lag een grote kamer gevuld met diep, rood licht. Aan de muren hingen kettingen met handboeien en in het midden stond een grote, houten tafel met een bos touw. Verschrikt keek Gonnie naar het tafereel. Godverdomme, realiseerde ze zich bang, dit is een sado kamer. Ze moest maken dat ze hier wegkwam, maar niet zonder Maaike. Achter haar sloeg een deur dicht en Gonnie hoorde zware voetstappen. Jan-Willem, dacht ze opgelucht en draaide zich om, hij zou misschien wel weten waar haar vriendin was.
Oh godallemachtig, nee. Gonnie voelde hoe de korte haartjes in haar nek rechtovereind gingen staan. De man die op haar afkwam was niet Jan-Willem, maar een zwaargebouwde bodybuilder gekleed in een strakke, leren broek en een zwarte kap die alleen zijn ogen en mond vrijliet.
‘Goedenavond,’ zei ze op krampachtig hooghartige toon, ‘ik geloof dat ik me in de deur vergist heb. Kunt u mij misschien de uitgang wijzen?’
Zijn antwoord hoorde Gonnie niet, ze zag alleen nog een korte, zware knuppel op zich afkomen voordat het zwart werd om haar heen.

Loes Neve

About loes neve