Zonder mijn geluksonderbroek aan, kan ik fluiten naar die baan

“Ordnung muß sein”. Een lollige leus, waar je van zou zeggen; dat riekt naar bruine hemden, zware laarzen en een wat corpulent type dat zijn collega warhoofd uit het Vlaamsche Land uitnodigt voor een hapje eten in Rotterdam. En toch is het jammer dat het zo’n besmette uitroep is, want er is maar weinig dat met drie woorden de mens zó raak omschrijft als dit staaltje Duitse schreeuwproza. Het heeft even gekost voor ik dat doorhad.

Allemaal dood
De Mens: licht z’n schedelpan, sleutel wat in z’n hersens, schakel hier en daar wat beschavingsreceptoren uit en er blijft een vage zak vlees met botten over die zich al vretend, copulerend en moordend naar zijn graf spoedt. Of toch niet? Deze mening koesterde ik jaren en te pas en te onpas maakte ik anderen er deelgenoot van. Menige vergadering of receptie – waar het naar mijn mening veel te gezellig was – sloeg na het fijntjes mededelen van deze opvatting om in een deprimerend samenzijn dat snel werd afgesloten (voor geïnteresseerden: een alternatieve uitspraak om vakkundig een bijeenkomst waar je het wel gezien hebt vroegtijdig te beëindigen: “over 100 jaar zijn we allemaal dood!”)
Maar ik heb deze mening moeten bijstellen, want ook ik stel wel ’s een mening bij. De mens heeft namelijk toch meer in huis dan alleen wat aangeleerde beschaving en een drietal oerdriften. Hij heeft ook een chronische behoefte aan orde, rituelen en regelmaat.

Dwang, dwang, dwang
Wat is het geval: u en ik, iedereen is een dwangneuroot. Het is vast even schrikken maar echt waar, en 1,5% van de volwassen bevolking is zelfs gecertificeerd en geregistreerd dwanglijder (althans, volgens de vereniging van dwangneuroten). Dat percentage lijdt aan OCD. OCD? Is dat niet een voetbalclub? Nee, het staat voor “Obsessive-Compulsive Disorder”, in goed Nederlands: Obsessieve Compulsieve Stoornis, ook wel bekend als dwangstoornis, dwangneurose en zoverder.
Dat volgens de vereniging van dwangneuroten 1,5% van de bevolking OCD-er is, vind ik nogal aan de lage kant, dat is alleen maar de groep waarbij het zo uit de hand gelopen is dat ze het niet meer voor zichzelf kunnen houden. Opnieuw een gezellige boude stelling: 1,5% is doorgeslagen in zijn dwang, 8,5% van de bevolking houdt zich dagelijks met grote regelmaat onledig met wat voor dwanghandeling/gedachten dan ook (en weten het van zichzelf), en de overige 90% doet dat ook, alleen hebben die het nog niet in de gaten, en gaan zij er vooralsnog van uit dat zij volkomen normale en geestelijk gezonde burgers zijn, precies zoals Balkenende het graag mag zien.
Vanwaar deze boude stelling Mutsaers? Nou, dat zal ik dan maar even uit de doeken doen, al zal er eerst wel even wat moeten worden toegelicht.
Wat is een dwangstoornis? Volgens de medische handboeken is de definitie: “stoornis die zich kenmerkt door herhalende handelingen of obsessies”. Zoveel mensen, zoveel soorten van dwang. Als het zo uit de klauwen is gelopen dat er een psychiater komt kijken, heb je te maken met mensen die tientallen malen per dag de handen wassen, of die ’s nachts om het half uur naar de keuken lopen om te kijken of de gaskranen wel dicht zitten. Sommigen van hen zullen pas hun huis kunnen verlaten na het afleggen van een geheel onbegrijpelijk parcours (eerst drie maal de trap op en af rennen, waarbij de vierde en zevende trede dient te worden overgeslagen, dan in de keuken alle kastjes 18 keer open en dicht doen, en dan via drie sprongen over het bankstel, de tafel en de vensterbank de deur uit). Dramatisch en met recht een ziekte te noemen, al was het maar omdat het leed veroorzaakt. Maar mensen die aan deze extreme vorm lijden, krijgen hopelijk reeds hulp van doorgeleerde personen met een diploma.

Stoeptegel, lantarenpaal, stoeptegel
Deze groep extreme dwanglijders is eigenlijk niet zo interessant voor dat ik wil aantonen dat iedereen een dwangneuroot is. Maar deze extremisten roepen wel een vraag op: wát heeft ze ertoe gebracht?
Het antwoord is denk ik vrij eenvoudig: het doodsangst oproepend besef dat er eigenlijk maar vrij weinig zaken in het leven werkelijk onder controle zijn te houden. Dat kan men bewust of onbewust niet accepteren en afhankelijk van erfelijke aanleg, omgeving- en opvoedingsfactoren raakt men in een web gevangen van rituelen dat een gevoel van controle biedt, en die rituelen (dwanghandelingen) krijgen langzaam aan steeds meer waarde. Ter illustratie: een kind beseft dat zelfs papa en mama dood kunnen gaan, en dat daar helemaal niets tegen te doen valt. Afhankelijk van aanleg e.d. komt het vrij vaak voor dat zo’n kind niet kan accepteren dat dit een voldongen feit is, en om zich toch het (irrationele) gevoel van controle op oncontroleerbare zaken te geven, kan het zich (en wie herkent dit niet) aan gaan wenden om op weg naar school zichzelf te dwingen om bijvoorbeeld alle lantarenpalen aan te raken. Of om bepaalde stoeptegels over te slaan, want als het kind dit ritueel maar netjes uitvoert, dan ‘gaan papa en mama die dag niet dood’. Kans is vrij groot dat papa en mama inderdaad ook die dag in blakende gezondheid overleven, en het kind ziet bevestigd dat het lantaarn- en stoeptegelritueel inderdaad zijn ouders die dag van een wisse dood hebben gered. Mythisch denken, noemt men dat in de psychologie naar ik meen.
Het gevolg kan zijn dat dit het kind zoveel ‘rust’ geeft, dat het door blijft gaan met deze dwanghandeling, en het aangewend wordt om alle oncontroleerbare zaken mee te bezweren. Het duurt dan meestal niet lang of je zit met een persoon die als een soort van tovenaar de ongewisse toekomst denkt te kunnen beïnvloeden door zijn rituelen en bezweringsformules.

Geblakerde hazen
Nu zal u zich misschien ginnegappend over zoveel gekkigheid op de borst slaan, en zeggen: “oh, maar zo gek doe ik niet hoor!” En dan zeg ik op mijn beurt: dat doet u wel hoor! Alleen misschien niet met lantarenpalen en 18 keer kastjes open en dicht doen. U bent namelijk ook gezegend met een primitieve en onweerstaanbare drang naar orde, bezwering en controle. Mocht u regelmatig een kerk, tempel of synagoge bezoeken, dan staat u meteen al in de hoogste regionen van de dwangneuroten top tien. Religie mag misschien duidelijke functies hebben, in sociaal of moreel opzicht bijvoorbeeld, toch is een fundamenteel kenmerk van elke religie de d(r)(w)ang om het oncontroleerbare te bezweren: de dood wacht op ons, en wat gebeurt er daarna? Niemand die het met enige zekerheid kan zeggen, maar miljoenen en miljoenen staan regelmatig een hostie naar binnen te happen, met een gebedsrol te zwaaien of een kaars op te branden; en ga zo maar nog een tijdje door. Dit alles ter bezwering van de angst voor de dood, het onbekende en het angstaanjagende. “Als ik maar tien weesgegroetjes opzeg, dan worden mijn zonden vergeven en kom ik in de hemel, en daarmee basta!”
En volgt u in het vliegtuig ook braaf de ‘veiligheidsinstructies’ van de stewardessen, ook al heeft u ze al ontelbare malen gezien? Ook dit is een bezwerende dwanghandeling: het levert namelijk niets anders op dan een vals gevoel van veiligheid en controle. Wanneer uw vliegtuig naar beneden sodemietert, dan kunt u nog zo braaf uw handen op de leuning van de stoel voor u leggen en uw hoofd nog zo diep tussen de schouders trekken: wanneer dat ding naar beneden stort bent u het geblakerde haasje.

Wc-rol
Misschien bent u er nog niet helemaal van overtuigd dat ook u tot het legioen der dwangneuroten behoort, maar dan zullen de alledaagse (dwang)handelingen meer licht op de zaak werpen.
Staat u er wel ’s stil bij hoe u de Wc-rol in de Wc-rolhouder ophangt? Met de opening van het velletje naar binnen óf naar buiten gericht? Let er maar ’s op, kans is bijzonder groot dat u dit altijd op dezelfde wijze doet. Doe het dan een volgende keer tegenovergesteld, en ga bij uzelf na of er enige onrust opspeelt, ergens ter hoogte van uw middenrif. U doet opeens iets geheel tegen uw eigen riten en gewoonten in, en dat doet geen mens ongestraft.
En voor de wassende en strijkende medeschepselen onder ons: hoe vouwt u uw sokken op? Draait u ze in een bolletje, of vouwt u ze in elkaar? Kom, wees moedig: doe het ’s op een andere manier, en ervaar het trillende en gonzende unheimische gevoel dat zich van u meester maakt. En wees eerlijk: sokken of Wc-rollen, hoe u ze ook opvouwt of ophangt: het is om het even, en toch heeft u naar alle waarschijnlijkheid toch die ene manier liever dan de andere, niet?

Kom, ik zal ’s wat balletjes opgooien, en dan kunt u in de vakantie fijn introspectief aan de slag. Kleding aantrekken: bepaalde volgorde? Tanden poetsen: eerst de bijtertjes aan de bovenkant, en dan onder, of andersom? Nog een voorkeur voor bepaalde sieraden, kledingstukken of wat dies meer zij? Van die attributen die u bijvoorbeeld graag draagt naar sollicitatiegesprekken onder het mom van “zonder mijn geluksonderbroek aan, kan ik fluiten naar die baan”? En wel ’s naar penalty’s van Oranje zitten kijken, ondertussen een heel scala aan bezwerende rituelen uitvoerend (vingers gekruist, het glaasje bier op twee vingers laten balanceren en ondertussen 50 borrelnootjes in één keer doorslikken) die de bal langs de keeper en tussen de palen dient te leiden?

Let er eens op zou ik zeggen, en mocht u na de vakantie verder willen praten, hierbij alvast een link naar mensen die u vast een luisterend oor zullen bieden:

http://www.ggznederland.nl

Gerard Mutsaers

About gerard mutsaers