Het perpetuum mobile van de slechte smaak

Had laatst een discussie met mijn veertienjarig semi-stiefkind, het ging over muziek, over hitjes om precies te zijn. Aanleiding voor deze discussie was een paar natte voeten: ik voelde namelijk opeens een soort slijmerig vocht door mijn schoenen heendringen. Onderzoek wees uit dat deze wee riekende secretie afkomstig was uit de luidsprekers van onze stereo. Het rook licht naar spaghetti met een te gare saus vol goedkope en reeds bedorven ingrediënten eroverheen. Ik depte mijn schoenen met een kleenex schoon en spitste mijn oren: een vreemde mengeling van zoetgevooisd gemekker in onze moedertaal en tevens in het Engels en het Italiaans.Iets over zonnen waar ik naar moest luisteren en toen drong tot mij door dat the one and only Marco B. zich weer ’s op gluiperige wijze in mijn huis had weten binnen te dringen, ditmaal in gezelschap van zijn maatje Andrea B. (De gevoelens die ik voor Marco B. koester zal ik hier niet nog een keer in geuren en kleuren uit de doeken doen, dat is schoppen tegen een dood paard. Kijk voor verdere details maar in het WB-archief.)
Met een ferme duik bereikte ik binnen luttele seconden de on/off knop van de stereo en zalige stilte werd ons deel. Maar het duurde maar even, want er klonk een aanzwellend gesputter vanuit de andere hoek van de kamer. Daar zat het veertienjarig semi-stiefkind dat steeds luider begon te protesteren tegen mijn toch zeer prijzenswaardige actie: maar, maar, waarom zet je het nou uit!?, vroeg hij. Eventjes van mijn stuk gebracht door deze tegenstand uit onverwachte hoek (je geeft die kids jarenlang het goede voorbeeld, denk je…) wist ik mij vlot te herstellen. Hoe dan ook wist ik het semi-stiefkind niet te overtuigen van mijn opvattingen aangaande Marco’s muzikale prestaties. Het joch vond dat het wel een ‘goed liedje’ moest zijn, want dat liedje staat toch op 1? Het is treurig gesteld met mijn pedagogische kwaliteiten dacht ik toen.

Vreten, naaien, knokken, sterven
Maar zo vreemd is het niet, het is gemeengoed, altijd al geweest: wat de meerderheid goed vindt moet wel goed zijn, ook al is dat ‘goede’ ervan enkel op kwantiteit gebaseerd en houdt het zichzelf in stand door ons aller roedelgevoel: Buurman vindt het goed, overbuurman ook: het moet wel goed zijn; een perpetuum mobile van de slechte smaak. Niet voor niets dat de slechtste krant van Nederland de grootste oplage kent.
Wanneer je in welke ‘culturele’ uiting dan ook maar genoeg primaire menselijke behoeftes opdient (vreten, naaien, knokken, sterven) en dit lardeert met vals sentiment, een pakkend deuntje of veel humbug, dan gaat het er bij grote volksstammen in als koek. Adolf H. en zijn kornuitjes kenden dit principe ook van haver tot gort. Niet voor niets dat de een of andere oppernazi (welk arisch bruinhemd dat was schiet me nu even niet te binnen) ooit iets riep in de trant van hoe kunnen al die miljoenen Duitsers ongelijk hebben?
Maar laat ik niet afdwalen naar duistere tijden vol knuppelgeweld en stampende laarzen. Hitjes, daar ging het over.

Ad Visser’s bril
Ja, hitjes, hitlijsten, top-10, -20, -30 etc. etc., het bestaat geloof ik al meer dan veertig jaar hier in de lage landen. Ik herinner me Ad Visser’s bril nog, Veronica’s Countdown schiet me nu ook opeens te binnen. Op de radio is er ook altijd al dat neurotische gezwam over nummerRRRR 1 (echo-echo) geweest. En toch zette ik vroeger minder snel de radio uit dan nu. Natuurlijk zul je zeggen: dat is de leeftijd. Maar nee, zo simpel ligt het niet, want ik kan sommige hitjes nog best appreciëren, maar het worden er wel steeds minder.
Om ’s wat dieper op de materie in te gaan heb ik een recente hitlijst en eentje uit een ver verleden naast elkaar gelegd. Ik ben geen musicoloog, maar heb toch geprobeerd de overeenkomsten en de verschillen te vinden, en daarmee mijn huidige walging trachten te verklaren. Het zijn de 5 langst genoteerde nr. 1’s van 1979 en die van 2004:

1979: 1. I was made for lovin’ you – Kiss
2004: 1. Dragostea din tei – O-zone

1979: 2. Quiereme mucho – Julio Iglesias
2004: 2. Holiday in spain – Counting Crows & Bløf

1979: 3. Bright eyes – Art Garfunkel
2004: 3. Push up – Freestylers

1979: 4. Chiquitita – Abba
2004: 4. Ik ben je zat – Ali B featuring Brace

1979: 5. Theme from Deer Hunter – Shadows
2004: 5. Superstar – Jamelia

Nou, dat zijn me de lijstjes wel dacht ik zo. Die uit 1979 ken ik allemaal (behalve die van Julio) uit m’n hoofd, en dat terwijl ik toen pas slechts 6 jaren op onze aardkloot rond strompelde. Het obscure lijstje van 2004 was mij maar gedeeltelijk bekend, en om geen overhaaste conclusies te trekken heb ik die liedjes maar even opgezocht en met angst en beven beluisterd Binnen drie seconden na het beluisteren van het laatste liedje wist ik wat mijn walging voedt, het heeft geen ene donder te maken met leeftijd, niets met ‘een ander tijdsgewricht’ of ‘nieuwe muziekstijlen’ het heeft maar met 1 ding te maken: oprechtheid van degene die het deuntje uitvoert. In 1979 staan er evengoed commerciële rakkers als dat die er in 2004 staan. Ze wilden en willen allemaal brood op de plank, en da’s best. Groot verschil is alleen dat alle vijf van 1979 Muzikanten zijn met een Instrument waar ze lang op hebben moeten pingelen, meppen of rochelen om het te leren beheersen (jazeker, ook Julio, die heeft – like it or not – een geschoolde stem).
Dan het gezelschap uit 2004: alleen van Bluf en de Counting Crows kun je nog met enig fatsoen zeggen dat het muzikanten zijn, wat verder geen esthetisch oordeel inhoudt: ze maken misschien bagger, ze beheersen wel hun instrumenten en spelen wat ze willen. De rest is meer een circusact: over-geproduceerde hitfabriekjes die met een pakkend drie variaties tellend drumcomputerbeatje, een gejat thema en een diep uitgesneden decolleté of guitig petje op de kop zich even in de schijnwerpers hebben mogen ophouden.
Conceptjes zijn het, poenconceptjes, bedacht in brainstormsessies in hoge torens waar uit hun pak puilende baasjes van reclamebureau’s en platenhandels schalks knipogend de buit verdelen, dit nog voordat er zelfs maar één zwakbegaafde snol of gelikte sportschoolaap is gevonden die zich ervoor leent om het deuntje al playbackend naar de hoogste regionen van de hitlijsten te muilezelen. En dat staat dan op 1, en moet dan wel goed zijn…

Ik veeg nu het woedend speeksel van mijn monitor en sluit af met een stukje ter overdenking, het is van Kraftwerk, misschien inspireert het tot muziekschoolbezoek en schept het hoop voor de toekomst.
Ich addiere Und subtrahiere Kontrolliere Und Komponiere
Gerard Mutsaers

About gerard mutsaers