Wetten van Kepler perfect de diepte in met …

Uit stof zijt gij geschapen en tot stof zult gij wederkeren. Het is alweer een tijdje geleden dat deze regels werden opgeschreven, maar aan actualiteit hebben ze eigenlijk nog niet zo gek veel ingeboet, zo bewijst ‘Woyzeck’ van de Wetten van Kepler.Een bijna perfecte voorstelling, die behoort tot het mooiste wat er de afgelopen vijf jaar is gemaakt.

‘Woyzeck’ vertelt het waargebeurde verhaal van een berooide soldaat die zijn medewerking verleent aan een wetenschappelijk experiment om zo wat extra geld te verdienen voor zijn gezin. Eigenlijk is deze sloeber een filosoof, maar het ontbreekt hem aan financiële middelen en dan kan het gebeuren dat je voor gek wordt versleten. Woyzeck heeft te maken met een hoogbegaafde wetenschapper, zijn kapitein uit het leger en een bronstige adjudant. Zijn vrouw en zoon leven in armoede, wat ze gevoelig maakt voor verraad. De soldaat eet al maandenlang alleen gekruiste erwten (crucifere!) en wordt op een bizarre manier door de wetenschapper ondervraagd – meestal staat hij als een gekruisigde met de armen gespreid, twee potten met water in de handen, en op het einde zelfs met een complete balk met twaalf potten water op zijn schouders. Zijn voeten staan in het stof en dat levert een prachtig, contrasterend theaterbeeld op.

Ambitieus idealisme
Volgens de wetenschapper hoeft idealisme niet zonder ambitie te zijn. Voor deze promiscuë arts, die kennelijk van alles wil veranderen maar natuurlijk voornamelijk voor zichzelf, zijn mannen een vermakelijk tijdverdrijf waar een dna-strengetje aan hangt. Ze heeft de volledige macht over de andere sekse en is alle situaties de baas. Het is niet helemaal duidelijk om wat voor een experiment het precies gaat, maar de arme Woyzeck heeft in ieder geval niets te vertellen. Zijn kapitein uit het leger en een sergeant werken ook mee aan de ondervraging van Woyzeck, en de sergeant wordt daarmee een adjudant van de wetenschapper. Deze dominante dame schept er een genoegen in mannen, en in het bijzonder Woyzeck, te vernederen met redeneringen waar voor de gewone sterveling geen touw aan vast te knopen is. Het is daarom toch een beetje zuur dat juist haar mannelijke ondergeschikte, de bronstige adjudant, Woyzecks vrouw tot prostitutie aanzet. Zo lijkt het erop dat de machtswellust van de wetenschapper doorwerkt op haar medewerkers en hiermee bereikt ze precies het tegenovergestelde van wat ze voor zichzelf zo nadrukkelijk heeft uitgesloten: een dominante, agressieve man die een afhankelijke vrouw misbruikt. De adjudant heeft geen andere reden dan zijn zinnelijke lusten te bevredigen en hiervoor kiest hij het meest weerloze slachtoffer. Het gevolg is dat de spanningen binnen het verarmde gezin tot een climax komen. Woyzeck wordt woedend op zijn vrouw omdat hij haar een hoer vindt.

Hoer van Babylon
Maar waar gaat het nu echt over? Deze voorstelling gaat over armoede, machteloosheid en de ‘condition humaine’ van de gewone sterveling die het leven te nemen heeft “gelijk het vlood” en zijn lot niet veranderen kan. Zo is het altijd geweest en zo zal het altijd zijn. In werkelijkheid is niet Woyzecks vrouw een hoer, maar de maatschappij waarin ze leven. In een schitterende monoloog, op zijn knieën, bijna kotsend in de goot voor op het speelvlak, spuwt Woyzeck zijn gal over de hoer van Babylon, de stad die branden zal. En daarmee is de hele voorstelling een metafoor voor iets anders: de onveranderlijkheid der dingen. Deze ‘Woyzeck’ laat zien dat eenvoudige mensen slaven van de economie zijn, dat zij vaststellen wat er op het maatschappelijke vlak gebeurt, maar dat zij daar geen werkelijke invloed op uit kunnen oefenen. In de Apocalyps van Johannes, het laatste Bijbelboek, zal God daarom de wereld straffen, maar deze Woyzeck uit Den Bosch moet zijn lot zelf zien te dragen, is na het experiment nog even berooid als daarvoor en is ten overvloede nog eens pijnlijk gewezen op de broze en volledig afhankelijke positie van zijn gezin. Zo onderstreept de wetenschapper met haar experiment om dingen te veranderen eigenlijk alleen dat de wetenschap zelf anders is geworden. Voor gewone mensen blijven de dingen min of meer zoals ze zijn en valt uiteindelijk alles terug in de juiste, oorspronkelijke verhoudingen.

wetenschapperNiet-religieus
Denk nu niet dat deze ‘Woyzeck’ een religieuze voorstelling is. Regisseur Piet Arfeuille kiest in zijn benadering voor de verweving van een aantal oude, religieuze symbolen in het stuk en geeft ze daarmee een nieuwe lading. Het zou best kunnen dat de beelden van Arfeuille dichter in de buurt komen bij de werkelijke betekenis van deze metaforen dan waarin ze binnen de klassieke bijbelexegese worden uitgelegd. De gekruisigde sloeber van de Wetten van Kepler is bepaald niet onsterfelijk, integendeel zelfs, en ‘zonder zonden’ is hij ook al niet. Het is een gewone man, een goedzak, de buurman om de hoek, die het beste wil voor zijn gezin. Dat ook dit gezin niet onfeilbaar is en aan normale menselijke verleidingen wordt blootgesteld draagt alleen maar bij aan de herkenbaarheid. Ook al omdat de volkse wijsheden van Woyzeck niet gespeend zijn van een scherp menselijk inzicht. Woyzecks beste vriend, Andres, wordt meesterlijk vertolkt, maar maakt een nogal kinderlijke indruk zodat het idee ontstaat dat hij de zoon van Woyzeck is. Samen met een vrouw die Marie heet, is er niet zo gek veel godsdiensthistorische kennis voor nodig om ook bij de leek de associatie te laten onstaan van de zogeheten ‘Heilige Familie’, waarbij het dit keer de sullige vader is die aan het kruis wordt genageld.

Locatievoorstelling
De voorstelling wordt gespeeld in een oude schietbaan op een industrieterrein in Den Bosch en is daarmee een locatievoorstelling. De donkere, ietwat vochtige en kille ruimte, draagt veel bij aan de sfeerbepaling van het stuk. Die is onheilspellend en fatalistisch. Toch kent het stuk een hoopgevend einde. In veel versies van ‘Woyzeck’ vermoordt de hoofdfiguur uiteindelijk zijn vrouw, maar niet in deze ‘Woyzeck’ van de Wetten van Kepler. Met het niet-doden van zijn vrouw lijkt het er daarom toch op dat de hoofdfiguur zich verzoent met zijn lot, en ook wordt op indringende wijze duidelijk dat deze gewone mensen zo dom nog niet zijn en het eigenlijk de wetenschapper is die nog wel iets zou kunnen leren. Ze zou op zijn minst haar onderzoeksobject in zijn waarde kunnen laten en er ook over kunnen waken dat haar machtswellustig denken niet een heel familiesysteem op zijn kop zet.

Minpuntje
Het is een grote verdienste van de regie dat alle rollen voortreffelijk worden neergezet. De enige speltechnische uitschieter naar boven is waarschijnlijk vriend Andres, die het op het meest ontluisterende moment van de voorstelling presteert een liter water te drinken en tegelijkertijd op het speelvlak te urineren. Maar eigenlijk zijn alle rollen bovengemiddeld en zwakke momenten kent de voorstelling eenvoudigweg niet. Enig punt van kritiek is alleen te geven op de verleiding van Marie, de vrouw van Woyzeck, door de bronstige adjudant. Behalve dat niet helemaal duidelijk is waarom dit sufgefitnesste machokereltje Marie per se versieren moet, neemt hij Marie voor de ogen van Woyzeck erg agressief ‘van achteren’, op een manier zoals het alleen in ‘volwassenfilms’ wordt vertoond. En daarbij is hij er dan ook nog eens volledig van overtuigd dat ze dit heel erg fijn vindt. Op zich is dit natuurlijk een gangbare mannelijke projectie, maar je zou toch zeggen dat ook zo’n geile bok in zo’n perfecte voorstelling toch min of meer in de gaten heeft wat hij aan het doen is? De verleiding wordt op deze manier erg plat ingevuld en juist een kleine relativering, wellicht een subtiele psychologische kwinkslag, zou een laatste extra dimensie aan de voorstelling hebben toegevoegd. Al is het ook weer niet zo dat het stuk door deze botte scène detoneert.

Sociologie
Regisseur Piet Arfeuille heeft met deze ‘Woyzeck’ gekozen voor een sociologische interpretatie van de onvoltooide tektst van Georg Büchner. Daarin komt de strijd tussen cultuur en natuur bijzonder goed uit de verf en bijt het leven op emotionerende wijze in zijn eigen, onveranderlijke staart – de ouroboros in een doosje. Zonder enige twijfel een sublieme voorstelling die uitblinkt door dosering, sterk acteerwerk en mooie toneelbeelden. Het is ontroerend, komisch, onthutsend, boeiend en van grote esthetische kracht. Helaas was deze voorstelling (voorlopig?) alleen te zien op Theaterfestival Boulevard in Den Bosch. Anders zou hier staan: GAAT DAT ZIEN. Allen!

Gezien: Theaterfestival Boulevard, Den Bosch, 4 augustus 2006.

About rob kappen