Overpeinzingen op de redactie. Aflevering: Gonzo

Van Amerongen:
Er is er maar eentje die aan mijn beenharen zit, en dat ben ik zelf!
Van Groningen:
Dat is best jammer.
Van Amerongen:
I rest my case. Zo door de jaren heen hebben er net iets te vaak perverts aan mijn benen gehangen.
Van Groningen:
Ik voel mij niet aangesproken.
Van Amerongen:
Oh nee?! oh nee?!! Ik zie anders wel hoe je naar mijn roomblanke dijen spiekt, vies kereltje…vroeger hing je zeker ook met de vogelkijker van je opa uit het raam als de onderbuurvrouw zich in bikini aan je openbaarde.
Van Groningen:
Wat zich in deze context aan mij openbaart is de wetenschap.
Van Amerongen:
Eh…
Van Groningen:
Ik heb wat vrouwenhaar nodig voor een experiment. C’est tout, jij kleine gifkikker.
Van Amerongen:
In dat geval…
[pakt resoluut d’r Wilkinson uit de tas]
Van Groningen:
Ik dacht meer in de lijn van Brazilian wax eigenlijk…
Van Amerongen:
Ja amehoela! Weet je hoe pijnlijk dat is?
Van Groningen:
Maar ik heb nogal veel damesbeenhaar nodig.
[Van der Sluis komt binnen]
Van Amerongen:
En voor wat voor experiment dan eigenlijk?
Van Groningen:
Och uhm…stelt niks voor.
Van der Sluis:
[staart naar Van Amerongen]
Zeg, jij hebt flinke inkijk, meis! Van plan zúlke korte rokken te gaan dragen deze lente?
Van Groningen:
This is in the name of science.
Van der Sluis:
Laat mij raden…jij gaat foto’s maken van de roomblanke dijen van Van Amerongen en tovert die plots te voorschijn na een cruciale vraag aan een Balk IV-lid van confessionele huize?
Van Groningen:
Hm, best goed idee eigenlijk. Lekker gonzo-journalistikerig! Mag ik er even bij Van Amerongen?
[doet morsige bril af en steekt puntneus onder van Amerongens rok]
Van Amerongen:
Zeg wil jij wel eens even… lelijke vogelkijker, jij…!
[zwaait vervaarlijk met d’r Wilkinson]
Van Groningen:
AUW! FUCK!! MIJN NEUS, ALWEEEER MIJN ARME NEUS!
Van der Sluis:
Er spuit bloed uit. Niet zo’n beetje ook. Het wordt wat glibberig hier op onze Leenbakker plavuizen. Kun je je neus misschien even onder de kraan doen? Of in ieder geval boven de gootsteen houden?
[Verkade stommelt de trap op]
Van Amerongen:
[voelt aan Wilkinson-mesje]
Hm, helemaal bot geworden. Zo’n scherpe neus heeft van Groningen dus ook weer niet.
[giechelt]
Verkade:
Stop de persen!
Van Amerongen:
We zijn even druk bezig met iets anders te stoppen. Van Groningens bloed, that is.
Verkade:
Maar ik heb een scoop! En heule belangrijke! Van Groningen moet on-mid-del-lijk – dubbel l dubel d – naar het Binnenhof.
Van Groningen:
[van onder de kraan]
Blub…wat zeg je….blub, flush….blub….auw, verdomme!
Van der Sluis:
Je ziet toch dat we hier onze eigen scoop hebben? Weliswaar van het niveau lokaler dan de zendamateur, maar toch. Heeft iemand Mama van Groningen al gebeld?
Van Amerongen:
Eigenlijk ben ik toch wel iets nieuwsgieriger naar Verkade’s scoop dan naar de `ach-en-wee’-reactie van de moeder van Van Groningen.
Verkade:
En terecht! Het gerucht gaat namelijk…
Van der Sluis:
…gerucht? Een gerucht is geen scoop maar roddel. We willen feiten, Verkade. We gaan niet als de Spits van geruchten scoops bakken in een anti-aanbakpan van de Xenos.
Verkade:
Luister nu! Het gerucht gaat dus dat…
Van Groningen:
[van onder de kraan]
Blub, blub, flush….mam? Ik ben gewond! Mamma? Blubblub
Verkade:
…André Rouvoet een buitenechtelijk kind verwekt heeft.
[kijkt triomfantelijk]
Van Amerongen:
Oeps!
Van der Sluis:
Que?
Van Groningen:
[van onder de kraan]
WAT ZEG JE MIJ DAAR?
[laat pardoes zijn telefoon in de wasbak vallen]
Eh mam, ben je daar nog?
Verkade:
Wis en waarachtig. Onze Minister van Gezin heeft zijn geslacht in een niet confessioneel territorium gestoken
Van Amerongen:
Dat is geen nieuws. Kijk maar naar de United States: al die zedenpredikers – en heus niet alleen de katholieken – blijken uiteindelijk allemaal – en dan bedoel ik ook echt allemaal – verkapte homo’s, kinderverkrachters, vrouwen- of kattenmeppers. En ze knijpen.
Verkade:
Is that so?
Van Amerongen:
Wis en waarachtig.
Verkade:
En heb joe daar wellicht ook een bron voor?
Van Amerongen:
Dat ben ik zelf. Je moet weten…
Verkade:
Ik moet helemaal niets.
Van Amerongen:
Wellicht niet, maar je moet wel even luisteren. Het geval wil namelijk dat ik ben opgegroeid op onze eigen bible belt hier ter lande.
Van der Sluis:
Is het niet te lande?
Van Amerongen:
Oh, krijgen we dat gezeur weer. ‘eigen Bible belt hier in Nederland’, dan.
Van der Sluis:
Aha, ik ruik gonzo!
Van Amerongen:
Jij?
Van der Sluis:
Nee, jij! Jij kent het daar en kunt dus undercover terug.
Van Amerongen:
Terug? Nooit!
Verkade:
Aha, mijn journalistenneus ruikt hier een niet verwerkt verleden!
Van Groningen:
Auw…
Verkade:
Fess up! Onzedelijk betast door de meester? Gebanged door de hele lokale kegelploeg én de kegel? Mij kun je het gerust vertellen, ik ben heel discreet in dat soort dingen.
Van der Sluis:
Enige sensucht is je niet vreemd, zeg. Ooit er bij stil gestaan dat het misschien pijnlijk is om over te praten? Dat hier een hoop verdriet…
Van Amerongen:
Dat valt wel mee, hoor. Een beetje onheus betast worden, vind ik altijd wel geinig. Of nee, dat is het niet. Het is meer… Ik vind het altijd zo sneu voor zo’n knul dat een een golf medelijden me overspoeld. Dan denk ik gelijk: Ah gossie, die arme jongen, voel maar even lekker dan. Nou ja, en van het een komt het ander. Je kent dat wel.
Verkade:
Als je je dat laat welgevallen, waarom wil je dan niet voor ons gonzoën en gelijk eventjes een bron zoeken bij mijn Rouvoet gerucht?
Van Amerongen:
Nee, dat doe ik niet.
Verkade:
Dat zeg je steeds: maar waarom niet.
Van Amerongen:
Dan moet ik bij mijn ouders langs.
Verkade:
Ik laat mijn moede hoofd hangen.
[klapt demonstratief het hoofd op de borst]
Hela, wat is dat voor rode derrie?
Van der Sluis:
Fick, dat is waar ook. Van Groningen!
Van Groningen:
Reutel… reutel…
Van der Sluis:
Snel! Bel 112.

About de redactie